Epse
Dramatische gebeurtenis bij de Koerhuisbrug in Epse
Kort na de bevrijding van Epse vond bij de Koerhuisbrug een dramatische gebeurtenis plaats, waarbij vier doden te betreuren vielen. Frits Wolters en Jan van Ommen waren getuige en raakten gewond. Zij schreven enige tijd geleden hun herinneringen op, met de kanttekening dat wat zij meemaakten wel ruim zeventig jaar geleden is. 22 april 1945. Epse was nog maar net door de Canadezen bevrijd. De Duitsers hadden op meerdere plekken bij de Koerhuisbrug mijnen aangebracht, die grotendeels waren blootgelegd en met linten afgezet. Ook hadden de Duitsers op de brug versperringen aangebracht. De Canadezen waren bezig deze met springstof te verwijderen, waarna een baileybrug werd aangelegd. Er was in die dagen nauwelijks vertier en de actie van de Canadezen trok dan ook veel belangstelling van burgers, waaronder een groepje jongens van wie de meesten vrienden van elkaar waren. De schrijvers van dit verslag hoorden bij dat groepje jongens. Ze mochten kijken onder toezicht van een paar aanwezige mensen van de Binnenlandse Strijdkrachten (BS). Het drama De baileybrug was gelegd en de eerste auto zou over de brug gaan, en daarom moest de weg vrijgemaakt worden. Iedereen moest achteruit en aan de kant. En toen gebeurde er iets verschrikkelijks. Er ontplofte een mijn, vermoedelijk een antitankmijn, die door de opsporingsmensen niet was opgemerkt. Er lagen destijds tramrails, wat de reden daarvan kan zijn. Er moet iemand op de mijn zijn gestapt, vermoedelijk Henny Jansen, die een honderd meter het land op werd geslingerd. Zijn vader, die samen met zijn vrouw een rondje liep en in de buurt was, heeft het zien gebeuren en heeft hem daar direct dood aangetroffen. De familie Jansen had aan de noordkant van Epse een tuinderij, gelegen tussen de Deventerweg en de Kletterstraat. Ze hadden een zoon en een dochter en woonden aan de Deventerweg. Ook Hendrik Jan Welbergen vond de dood. Hij was de enige zoon van de familie Welbergen aan de Kletterstraat. Er waren nog drie dochters. Een ramp; de beoogde opvolger in het boerenbedrijf was er plotseling niet meer. Er waren nog twee doden te betreuren: de jongere Jantje Dijkerman, die afgrijselijk verminkt was en Gerrit Braskamp, die even later in het ziekenhuis overleed. De familie Dijkerman woonde in de Kletterstraat en had een tuinderij tussen de Deventerweg en de Kletterstraat, grenzend aan tuinderij van Jansen. De familie Braskamp had een kruidenierswinkel aan de Lochemseweg in Epse. Ze hadden nog een oudere zoon en twee dochters. Gewonden Enkele Canadese soldaten liepen verwondingen op, de precieze toedracht daarvan is niet duidelijk. Onder de toeschouwers waren ook drie gewonden. Van Jopie Dommerholt, wonende aan de Kletterstraat en inmiddels overleden, zijn de verwondingen onbekend. Jan van Ommen, ook woonachtig aan de Kletterstraat, raakte gewond aan been en oog en kon na behandeling in het Deventer ziekenhuis weer naar huis. Frits Wolters van de Weerdsweg (een zijweg van de Kletterstraat) was er slechter aan toe. Van zijn kleren was alleen de broekriem nog over en hij had overal scherven in zijn lichaam. Tot vandaag de dag ondervindt hij daarvan nog hinder. Alle jongens (met uitzondering van Jantje Dijkerman, 1934) waren in 1930 geboren. Er zullen ongetwijfeld nog meer mensen zijn die hierbij betrokken waren en geraakt zijn door scherven, maar dat is verder niet bekend.

Het Hassink
Het Hassink was een historisch kasteel en later statig landhuis in het dorp Epse, waarvan de geschiedenis teruggaat tot de middeleeuwen. Het lag in het huidige Hassinkbos. Kasteel Het Hassink in Epse was eigenlijk geen middeleeuws stenen kasteel zoals bijvoorbeeld Kasteel de Haar, maar een historische havezate/buitenplaats (ook vaak “Huize Hassink” genoemd) met een lange geschiedenis. Het lag in het huidige Hassinkbos.
De eerste bewoning in dit gebied startte rond 1200 met Arnoldus van Epse, die zijn naam aan het dorp gaf. De ontwikkeling van het landgoed begon in deze periode. In 1494 (Eerste vermelding): Het kasteel wordt voor het eerst officieel genoemd in historische documenten. Jan Hissinck werd toen als eigenaar vermeld. Het ging destijds om een traditioneel middeleeuws huis of kasteel.
Door de eeuwen heen was het landgoed in bezit van verschillende invloedrijke families o.a.:
Familie Van Dommeren (ca. 1200–1550).
De vroege beheerders van het gebied. Zij waren verbonden aan de heren van Gelre en hadden als horigen bezit en rechten op de boerderijen van Het Hassink.
• Familie Martens.
Na de middeleeuwse periode kwam Het Hassink in handen van Deventer regentenfamilies. De familie Martens behoorde tot het stedelijke patriciaat van Deventer.
• Familie Van Laer.
Een volgende Deventer regentenfamilie die het landgoed bezat.
• Familie Van Suchtelen.
Ook een invloedrijke Deventer familie die verbonden was met Het Hassink.
• Familie Van Markel / Bouwer.
Deze familie bezat Het Hassink tot het begin van de 19e eeuw. De laatste telg uit dit geslacht verkocht het landgoed in 1816.
• Generaal S. (Samuel) van der Feltz (vanaf 1816)
Hij kocht Het Hassink in 1816. De familie Van der Feltz werd een van de bekendste eigenaren van het landgoed. De naam leeft nog voort in de Van der Feltzweg in Epse.
• Familie Du Tour.
Ook deze familie was later eigenaar van Het Hassink; de Du Tourweg in Epse herinnert hier nog aan.
In 1919 werd het grote landgoed verkocht en verdeeld in ongeveer 200 percelen. Het huis zelf bleef nog bestaan tot de Tweede Wereldoorlog. In 1945 werd Huize Hassink, dat toen als Duitse commandopost werd gebruikt. De Duitsers bouwden er een grote brandstofopslag en verhardden bospaden om die te bereiken.
Eind 1945 is alles door de Engelsen plat gegooid maar de Duitsers waren toen al vertrokken.

