Welle

                  Welle omstreeks 1900

Welle met de Hóód (de Hoed)

Deze opvallende gietijzeren loskraan kreeg de bijnaam ‘De Hoed’ vanwege zijn karakteristieke overkapping, die sterk op een hoed leek. De kraan stond sinds 1847 voor de Stadswaag aan de Welle om schepen te lossen, maar is in 1933 gesloopt na het faillissement van de producent en gebruiker, de IJzergieterij en Machinefabriek Nering Bögel . Er is tegenwoordig een Stichting Kadekraan De Hood die zich inzet voor de geschiedenis en een eventuele terugkeer van deze iconische kraan.

Welle de Hood heiskraan gebruikt door Nering Bögel

1847, het afbreken van de kraan is begonnen na het faillissement van de producent en gebruiker, de IJzergieterij en Machinefabriek Nering Bögel in opdracht van de gemeente Deventer die het toentertijd een sta in de weg vond op de Welle.
Het waaggebouw met ook het onderkomen voor de kraanmeester is van 1862 of iets later.

 

Welle Loskraan de Hood om zware gietstukken van ijzergieterij Nering-Bögel in schepen te kunnen takelen.

Schipbrug  1910

Kademuur in Deventer

Rond 1550 liet het stadsbestuur ter hoogte van de Welle en Onder de Linden een kademuur van baksteen optrekken. De muur werd bekleed met zandsteenplaten. In de muur zaten vier trappen naar het water. In 1558 werd ter hoogte van de huidige Graaf van Burenstraat het bastion Graaf van Buren gebouwd om de brug over de IJssel te kunnen beschermen. In 1627 wordt de kademuur versterkt en opgehoogd. In 1839 volgt een uitbreiding met de Pothoofdkade waar een aanleg- en overslagplaats komt. Omdat de trappen in de muur niet meer nodig zijn worden die in 1866 dichtgemetseld.
De kademuur aan de Welle in Deventer, specifiek bij de monding van de voormalige haven (de oude Stadshaven/Bokkingshang), onderging in 1953/1954 een ingrijpende reconstructie en modernisering. Dit specifieke gedeelte van de historische kademuur markeert het punt waar de oude havenmonding en de stadsverdediging samenkwamen met de IJssel.
Na de watersnoodramp van 1953 werd de focus op waterveiligheid en infrastructuur langs de grote rivieren landelijk aangescherpt. De oude constructies voldeden niet meer aan de moderne eisen.
De oude Stadshaven verloor in deze periode definitief haar actieve handelsfunctie aan de nieuwe, grotere industriële binnenhaven op de Bergweide. De monding van de oude haven werd hierdoor heringericht. In 1953/1954 werd de kademuur ter hoogte van deze voormalige havenmonding constructief versterkt en aangepast om het achterliggende stadsdeel beter te beschermen tegen hoogwater van de IJssel, terwijl de historische gelaagdheid van de muur (die deels teruggaat tot de 16e en 17e eeuw) bewaard bleef.
Tegen het eind van de vorige eeuw moet de kademuur na een verzakking worden gerestaureerd. Er komt dan ook een verlaagde kade, die de naam Wellepad krijgt. Daar kan vanaf nu gewandeld worden, behalve als het water in de IJssel hoog staat. Dan stroomt het Wellepad onder. De balustrade langs de IJssel komt weer terug en er komen moderne bolders waar de schepen kunnen aanleggen. In 2010 wordt de onderkant van de kade hersteld. De Pothoofdkade wordt dan ook verstevigd en opgehoogd. Daar komt dan ook een aanmeergelegenheid voor grote recreatieschepen. De kademuren langs de Welle en het Pothoofd zijn tegenwoordig aangewezen als Rijksmonument. In het aanzicht van de muren is de bouwgeschiedenis — waaronder de herstel- en aanpassingsfases uit het midden van de 20e eeuw — nog altijd duidelijk herkenbaar aan de variatie in bakstenen en metselverbanden.

                   Afbraak van huizen aan de Welle rond 1970/1971. Rechts een restant van de stadsmuur, waar aan beide kanten huizen met de rug tegen elkaar stonden. Links het begin van de Kranensteeg

Maximbar

Vroeger zat hier bovenin met een dakterras hotel-restaurant Bellevue. De ingang zat meer opzij (waar nu een raam zit), op de begane grond zaten de toiletten en de bar was op de eerste etage.

                  Maximbar.

© Copyright - Historisch Deventer